Lydia Peeters investeert 2,3 miljard euro in mobiliteit en openbaar vervoer in 2023

Vlaams minister Lydia Peeters investeert volgend jaar 2,3 miljard euro in 815 projecten in haar beleidsdomeinen Mobiliteit en Openbare Werken. Dat heeft de Open Vld-minister donderdag bekendgemaakt. Volgens Peeters staan er bij die investeringen drie kernwoorden centraal: fiets, verkeersveiligheid en duurzaamheid.

door
Blega
Leestijd 2 min.

Jaarlijks worden de investeringen in het beleidsdomein Mobiliteit en Openbare Werken (MOW) gebundeld in het geïntegreerd inversteringsprogramma of GIP. Dat GIP geeft een overzicht van alle investeringen en de grote infrastructuurwerken voor vracht- en personenverkeer, openbaar vervoer, fietsen, binnenvaart en waterbeheersing.

Volgens Vlaams minister Lydia Peeters staat er voor 2023 een investeringsprogramma van 2,3 miljard euro klaar waarmee 815 projecten worden aangepakt. De grootste happen van dat budget gaan naar het Agentschap Wegen en Verkeer (738 miljoen euro) en het Departement Mobiliteit en Openbare Werken (526 miljoen euro).

Fietsinfrastructuur

Minister Peeters wijst erop dat ze blijft investeren in fietsinfrastructuur. Dat budget is de voorbije jaren opgetrokken, van 180 miljoen euro in 2020 naar 355 miljoen euro in 2021. Voor 2023 ligt dat bedrag iets lager, maar minister Peeters wil nog steeds meer dan 300 miljoen euro uittrekken voor fietsinvesteringen. «We zetten de inspanningen verder, zodat Vlaanderen nog meer dan vandaag een echte fietsregio wordt. Zo willen we het aandeel van de fiets in de functionele verplaatsingen in Vlaanderen doen stijgen tot 20% tegen ten laatste 2025», legt minister Peeters uit.

320 miljoen voor De Lijn

De Open Vld-minister investeert ook verder in verkeersveiligheid en duurzaamheid. Zo blijft het de ambitie om tegen 2025 laadequivalenten te hebben voor elektrische voertuigen en om de vloot van De Lijn verder te vergroenen. Bij De Lijn wil Peeters ook de onderhoudsachterstand aanpakken. «Voor De Lijn reserveren we circa 320 miljoen euro in het investeringsplan. Qua investeringsmiddelen betekent dit een stijging van 120 miljoen euro ten aanzien van het basisbedrag», klinkt het.