AI. Btw op fietsen wordt dan toch niet verlaagd

De btw op fietsen en elektrische fietsen wordt dan toch niet verlaagd naar 6 procent. Dat blijkt uit een Koninklijk Besluit dat woensdag werd gepubliceerd in het Staatsblad. Staatssecretaris voor Begroting Eva De Bleeker (Open Vld) benadrukt donderdag in een reactie dat de middelen blijven, maar dat die anders besteed zullen worden.

door
Redactie Online
Leestijd 2 min.

De Kamer keurde in 2019 unaniem een voorstel van de PS goed om de btw op fietsen en elektrische fietsen te verlagen van 21 naar 6 procent. Dat moest meer mensen stimuleren om voor de fiets te kiezen als vervoersmiddel voor korte en middellange verplaatsingen. De maatregel had enkel nog het fiat van de Europese Commissie nodig. Dat is er intussen, maar de regering besloot om op haar stappen terug te keren.

Middelen efficiënt inzetten

«Gezien de budgettaire context heeft de regering beslist om, in het kader van een globale heroverweging van de budgettaire prioriteiten, de tarifaire gunstregeling van 6 procent voor de fietsen, elektrische fietsen en speed pedelecs (...) op te heffen», is te lezen in het kb.

De regering heeft tijdens de begrotingscontrole van vorige week bekeken hoe de ingeschreven middelen zo efficiënt mogelijk kunnen worden ingezet om de oorspronkelijke doelstelling, namelijk meer mensen op de fiets te krijgen, te behalen, luidt het in een reactie van staatssecretaris De Bleeker.

Woon-werkverkeer

«We verbeteren alleen de manier waarop het geld wordt aangewend, door heel specifiek te focussen op waar de grootste uitdaging zit: in het woon-werkverkeer. Iedereen die daar op de fiets stapt, is een auto minder in de ochtend- en avondspits. Dat is goed voor de gezondheid van mens en milieu én voor onze economie. De 80 miljoen die dus oorspronkelijk voorzien waren, zijn nog steeds voorzien en krijgen nu dus een veel betere invulling», zegt de staatssecretaris.

De Bleeker wijst er ook op dat de sector zelf niet meteen voorstander was van de maatregel. «Die vroeg zich af of de maatregelen niet gewoon zouden leiden tot prijsverhogingen, waardoor de consument helemaal niets zou voelen van de maatregel», luidt het in een persbericht. «Ook vanuit een effectiviteitsstandpunt waren er vragen rond het heel algemene karakter van de maatregel. De btw-verlaging zou gelden voor elke fietsaankoop, dus zowel voor mensen die effectief een eerste fiets als vervoersmiddel kopen, maar evengoed voor wie een dure racefiets koopt voor recreatieve doeleinden.»