SOUNDCHECK. Mauro Pawlowski brengt eigen ‘papapopplaat’ uit: «Mensen denken vaak dat ik geen fluit geef om waar ik mee bezig ben»

Badend in heerlijke melodieën en flirtend met een soort ongrijpbare, kwetsbare grandeur debuteert Mauro Pawlowski met ‘Eternal Sunday Drive’ op zijn vijftigste onder eigen naam. Een ‘papapopplaat’ noemt hij het zelf.

door
Dirk Fryns
Leestijd 5 min.

G ruppo Di Pawlowski, Evil Superstars, Maurits Pauwels, Mitsoobishy Jacson, vast lid en onlangs dEUS-depanneur nadat gitarist Bruno De Groote na een beroerte een stap terug deed... Een dikke 38 jaar al tref je Mauro in de meest uiteenlopende verpakkingen aan – zowel muzikaal als vestimentair. ‘Eternal Sunday Drive’ is een classic songplaat met sterke nummers als ‘God Made Trouble’ (over de oerzonde en een knipoog naar Spandau Ballet), ‘Always Someone’ (het verlangen dat het gras aan de andere kant altijd groener is) of ‘Spacelight’ (cryptisch gelabeld als ‘cosmic yacht rock’). Maar met songs als ‘Playing’ (louter piano) en het in pure romantiek gedrenkte ‘The Silent Sky’ laat Mauro diep in zijn hart kijken. De liefde en niets anders dan de liefde, in al haar heerlijke maar ook minder aangename facetten.

Mauro Pawlowski: «Ik ben best wel een trouw iemand. Relationeel gesproken ben ik altijd lang met iemand geweest en ook met Sigrid ben ik al jaren samen. Ondanks die veelheid aan groepen of projecten ben ik daarbinnen ook best standvastig. Dat ik dit album onder eigen naam uitbreng, heeft een reden. De songs zijn veel persoonlijker dan alles wat ik al heb uitgebracht. En soms ook schaamteloos romantisch.»

Wat zich naast een hoger muzikaal streven ook in de teksten vertaalt, of vergis ik me?

«Helemaal niet, want ik heb nu teksten geschreven alsof ik een plaat zou maken voor een Engelstalig publiek. Geen taalfouten, geen slordigheden... met de strenge blik van Lou Reed of Peter Houben van Nemo over mijn schouders. Die heren werken inspirerend. Het is ook de eerste keer dat ik echt volop genoten heb van het opnemen van een plaat waarover ik zelf volledig de leiding heb. (lachend) En het lijden voor de kunst hoef je niet in de studio te doen. Laat dat maar over aan het schrijfproces in aanloop naar de plaat. Dan kan je even grienen wanneer je vaststelt dat je weer een kutsong hebt geschreven die dan maanden later door iemand anders de hemel in wordt geprezen.»

«Ik had mezelf opgelegd een popplaat te maken met mensen die in hun vakgebied de beste zijn. Zoals je in films ziet als ‘Ocean Eleven’ of ‘A Few Good Men’. De ene is de beste chauffeur, de andere is weer goed met explosieven of messen... Ik dacht bijvoorbeeld ook aan Face uit het legendarische ‘The A Team’. Hij is daar de grote verleider en Mr. T de spierballenman. Wel, ik wilde mijn eigen A-team voor ‘Eternal Sunday Drive’.»

Een team dat verschillende generaties overbrugt en verzoent?

«Absoluut. Drummer Marc Bonne en bassist Ewen Vernal (cfr. Deacon Blue, Schotse popband uit de jaren tachtig, nvdr.) zijn de zestigers terwijl producer Jasper Maekelberg (van onder andere Faces On TV, Balthazar) en toetsenist Adriaan Van de Velde (Pomrad) in jaren de helft zijn van de ritmesectie. Ik zit daar als pasgeboren, fruitigfrisse vijftiger lekker tussen. (lachend) Om in alle rust de paljas uit te hangen natuurlijk. Jasper heeft de ‘golden touch’ als geluidstechnicus, Adriaan verkent alle hoeken van zijn keyboard en net die mix tussen hippe en – sorry jongens – onhippe maar ervaren muzikanten zocht ik zeer bewust op.»

Heren die je wel bij de les moet houden, want goede smaak en vakmanschap moet je met sterke songs en dito teksten voeden.

«Alles in het leven is natuurlijk perceptie maar op een of andere manier denkt men verkeerdelijk dat ik vaak geen fluit geef om waar ik mee bezig ben. Ik herinner me nog dat ik ooit met mijn ex-lief bij de notaris zat voor de aankoop van een huis. Op een gegeven moment spreekt die man over wat er kan gebeuren indien een van ons zou overlijden. Ik zet dus mijn meest ernstige gezicht op. Kijkt hij me plots vermanend aan al zeggend dat het me precies geen moer kan schelen terwijl ik net heel aandachtig en serieus was. Ik moet dat blijkbaar uitstralen.»

Ik hoorde ‘The Silent Sky’ voor het eerst op de radio en ben even gestopt omdat ik geïntrigeerd was door wat ik hoorde. Ik wist ook niet dat jij het was.

«Wel eerlijk gezegd, toen ik het nummer voor het eerst op de radio hoorde besefte ik ook even niet dat ik het was. ‘Hé, dat klinkt goed’, schoot er door mijn hoofd tot ik enkele seconden later besefte dat het deze jongen was. Weg betovering en terug naar af.»

Songschrijven, ‘it’s a tough life baby...’

«Ach, songschrijven blijft een eeuwig mysterie. Je kan het nooit weten wanneer er zich iets bruikbaars aandient en wanneer je iets kan plukken. Maar ik geloof in hard werken. Elke dag enkele uren neerzitten, schaven, opnieuw proberen... als een echte ambacht. Mocht ik enkel op mijn rug liggen en wachten tot de muze me bespringt, dan lag ik nu nog in het gras. ‘Inspiratie is voor amateurs’, luidt het gezegde. Voor ‘Eternal Sunday Drive’ had ik meer dan zeventig nummers om uit te kiezen waaronder ook wat oudere songs. Het bewijs dat hard werken loont. Maar ik geniet ook veel harder dan vroeger van wat ik allemaal doe. Daar moet je dan vijftig voor worden.»

Laten we er van uitgaan dat het beste nog moet komen, meneer Pauwels.

«Ik teken geen bezwaar aan en zal mijn uiterste best blijven doen om interessant te blijven. Je moet iets te bieden hebben want mensen betalen geld om je te zien en te horen. Ik geloof ook in een soort groepsinstinct. Mensen voelen het wanneer je hen iets geeft, zelfs voor je een eerste noot gespeeld hebt. Daarom kom ik ook best wel zelfzeker over op een podium. (plechtig) Dat stelt de mensen gerust dat we samen iets moois gaan ervaren en daar doen we het toch voor, niet?»

‘Eternal Sunday Drive’ is uit bij Unday. Op 1 oktober stelt Mauro Pawlowski zijn plaat voor in de Roma in Antwerpen. Voor latere tourdata kan je terecht op www.mauropawlowski.be.