SOUNDCHECK. Jasper ‘Waiting Like a Dog’ Erkens is terug met vierde worp: «Ik heb nog steeds het gevoel dat ik aan het wachten ben op iets»

In 2008 kaapte hij het zilver weg op Humo’s Rock Rally, waar hij de publieksprijs won. Een dik jaar later stond Jasper Erkens met zijn doorbraakhit ‘Waiting Like a Dog’ op Rock Werchter. Nadien trok hij naar Londen voor een opleiding en verdween hij van de radar. Nu lost Erkens een gloednieuw album genaamd ‘Artificial Messiah™’, zijn vierde intussen. De geknipte aanleiding voor een gesprek met de geboren Diestenaar, dat bol stond van de filosofische en maatschappelijke overpeinzingen: «Er heerst een onbevredigd verlangen bij onze generatie.»

door
Quentin Soenens
Leestijd 6 min.

Dag Jasper! ‘Artificial Messiah™’: vanwaar die bijzondere titel?

Jasper Erkens: «De plaat is genoemd naar een track op het album; een spoken word-gimmick waarbij twee A.I.-wezens in dialoog gaan met elkaar. Eén ervan ervaart liefde. De tekst is opgesteld door die revolutionaire chatbot, ChatGPT. Ik vond het triggerend hoe ze het verlangen naar elkaar uitdrukken.»

«A.I. houdt me bezig. Zo zijn de visuals van het album met A.I. gemaakt. Ik filosofeer vaak over de rol van die technologie in het heden en de toekomst.»

Welke rol zal artificiële intelligentie in de toekomst vervullen, denk je?

«Ik heb een beeld voor mij van een soort A.I.-achtig orakel dat in verbinding staat met het internet en op al onze vragen een antwoord heeft. Het is tegelijk onze personal assistent, én onze therapeut, én misschien zelfs onze partner. Misschien zullen we die machine meer durven toevertrouwen dan onze bloedeigen partner. De technologie is alleszins heel veelbelovend.»

«Met A.I. als thema op de plaat wil ik vooral de conversatie over artificiële intelligentie starten. Grappig hoe er in het nieuws nog zo weinig gepraat wordt over die technologie. Mensen wuiven het nog steeds weg. Het is een taak van de artiesten om A.I. te gebruiken als instrument, om er statements mee te maken zodat het publiek daarop kan reageren en een conversatie gestart wordt.»

Zal A.I. in de toekomst ook een invloed hebben op het maken van muziek?

«Ik denk het wel, maar de ontwikkeling van A.I. op basis van audio loopt achter op die van visuals en visuele kunst. Blijkbaar is audio genereren een pak moeilijker en zwaarder dan beelden. Op dit moment is A.I.-audio nog niet bruikbaar. Ik heb het al geprobeerd, maar het levert nog geen kant-en-klaar product op. Maar de nadruk ligt op ‘nog’, want het zit er wel aan te komen.»

«Dat hoeft niet automatisch te betekenen dat het einde van de kunstscene op til is. Integendeel: A.I. is eerder een steroid injection in de hele scene, net zoals de uitvinding van fotografie destijds een bom was in de schilderswereld. Het is nu eenmaal technologie die steeds meer deel uitmaakt van de cultuur. Je kunt die technologische doorbraken ontkennen, maar uiteindelijk leven we in een samenleving die heel hard focust op productiviteit en functionaliteit. Als artiest moet je dus meer investeren in een eigen visie, stijl en smaak, want die zaken kunnen moeilijker ontworpen worden door algoritmes. De technische struikelblokken gaan mettertijd verdwijnen en het productieproces zal goedkoper worden – wat goed nieuws is voor artiesten met een visie.»

Een volwaardig muzikaal equivalent van die chatbot is dus nog toekomstmuziek?

«Ja. De meest ontwikkelde tool die nu bestaat is www.riffusion.com. Die genereert in real time een stuk audio op basis van alle audio die op het internet te vinden is. Je kan de gekste verzoeken invoeren, bijvoorbeeld ‘Metallica gespeeld op een accordeon’, en de bot gaat ermee aan de slag. Die snapt stijlen, maar het resultaat is nog niet kwalitatief genoeg om bruikbaar te zijn.»

Een ander thema op de plaat is geloof. Ben je zelf gelovig?

«Ik ben geen christen, maar ook geen atheïst. Ik geloof in het lot. Ik heb te veel toevalligheden meegemaakt in mijn leven. Toeval bestaat niet, dat geloof ik echt. Daarnaast wil ik ook durven geloven in iets waar geen zwart-op-wit bewijs voor is. Waar kan een mens tegenwoordig nog in geloven, als God niet bestaat? Uiteindelijk komt het bij iedereen op hetzelfde neer: dat moet je zelf uitmaken.»

Terug naar ‘Artificial Messiah™’, naar eigen zeggen «je strafste werk tot op heden». Waarom?

«Ik ben een vorm en inhoud aan het bereiken waar ikzelf heel tevreden over ben. Het is alleszins niet bergaf aan het gaan. Maar de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen: de uitdaging blijft om mensen naar mijn muziek te doen luisteren. Soms hoort daar al eens een straffe uitspraak bij om het publiek te triggeren.» (lacht)

De song ‘Still Waiting’ is een knipoog naar je doorbraakhit die je 15 jaar geleden schreef, toen je amper 15 was. Het grote publiek associeert je nog altijd met die ene oorwurm, hoewel je toch al vier platen gemaakt hebt. Heb je het gevoel dat je met deze release iets te bewijzen hebt?

«Het is inderdaad vreemd om als dertigjarige constant herinnerd te worden aan een song die je op je vijftiende snel in elkaar hebt geflanst op je slaapkamer. In die zin achtervolgt ‘Waiting Like a Dog’ me nog altijd. Maar als ik iets probeer te bewijzen, is het vooral naar mezelf. Ik weet niet of ik naar de buitenwereld iets te bewijzen heb.»

«Het is natuurlijk een zegen om een hit te scoren, waardoor deuren zich openen en de media aan je lippen hangen. Anderzijds probeer ik niet in het verleden te leven. Ik praat niet vaak over die periode, tenzij ernaar gevraagd wordt. Maar ik schaam me er ook zeker niet voor, bewijst die knipoog naar ‘Waiting Like a Dog’ op mijn nieuwe plaat.»

«Het klopt dat mijn recenter werk wat onderbelicht is, maar misschien was ‘Waiting Like a Dog’ wel overbelicht. Het feit dat het publiek zich die hit vijftien jaar na datum nog steeds herinnert en het nog steeds wordt gedraaid op de radio: da’s heel uniek, besef ik. Ik snap niet dat mensen – in al die drukte tegenwoordig op sociale media – ‘Waiting Like a Dog’ toch nog ergens in een achterkamer van hun brein hebben zitten.»

In 2009 stond je als jongste artiest ooit op Rock Werchter en won je de MIA voor beste doorbraak: hoe blik je nu terug op dat overweldigend succes op zo’n piepjonge leeftijd?

«De buitenkans werd mij gegund door Herman Schueremans, en ik heb die met beide armen gegrepen. Het was een héél goed concert; ik moest die dag openen en de hele tent stond vol: geen evidentie. Ik had het gevoel dat ik niets te verliezen had. Terwijl ik héél hard had kunnen afgaan, maar dat kwam niet in mij op. Werchter heeft voor een stuk mijn carrièrepad bepaald. Het was een springplank en ook een statusding: deuren openden en ik kwam overal door de grote poort binnen. Door die ervaring begon ik heel ambitieus te denken en ben ik uiteindelijk in Londen terechtgekomen. Heel uitzonderlijk: de meeste artiesten – ik op dit moment ook – moeten gewoon zwoegen voor de aandacht. Toen kwam het allemaal uit het niets op mij af. Ik heb zo goed en zo kwaad als mogelijk gesurft op die golf van populariteit.»

Over ‘Still Waiting’ zei je in het persbericht: «Wachten is een symbool van hoop en optimisme, ondanks dat knagende gevoel dat er altijd iets ontbreekt.» Wat ontbreekt er precies in je leven?

«Er is nog altijd een leegte die gevuld moet worden met goedkope afleidingen. Een mens kan eindeloos scrollen op sociale media, maar dat geeft geen voldoening. ‘Waiting Like a Dog’ ging over het niet kunnen wachten om volwassen te zijn, niet meer naar school te moeten gaan, de hele dag muziek te maken en zelfstandig te zijn. Intussen heb ik al die dingen kunnen doen, maar ik zit nog steeds met het knagende gevoel dat ik aan het wachten ben op iets; het groenere gras aan de overkant. Ik begin te vermoeden dat dat gevoel nooit zal wegebben.»

Is dat gevoel van alle tijden, of iets typisch voor deze tijd?

«Het is volgens mij echt iets van onze generatie. We zijn met heel veel hoop opgevoed: je kon alles bereiken wat je wou, zolang je maar hard werkte. Niet waar natuurlijk. Je kan geen kasteel kopen met een 9-to-5-job. En hardwerkende mensen worden niet per se rijk. De allerrijksten werken niet per se hard. Op dat vlak liep het merendeel van onze generatie tegen een ontnuchtering aan. ‘Ik had toch wat meer verwacht’, is de teneur. Er heerst een onbevredigd verlangen.»

Tot slot: wat mag ik jou toewensen voor 2023?

«Concerten, volle zalen, luisterende oren, vriendschap, inspiratie, creativiteit, liefde en zingeving.»

En een hit misschien?

«Da’s altijd leuk meegenomen natuurlijk.» (lacht)

‘Artificial Messiah™’ verschijnt vrijdag bij Dusty. Jasper Erkens stelt zijn nieuwe plaat voor op 19 januari in ’t Onkrooid in Arendonk, op 30 januari in Het Depot in Leuven en op 1 februari in AMOR in Antwerpen.